Teunis van Slooten begint een touwslagerij in Nijkerk
Voor het boerenbedrijf, de visserij en de scheepvaart is touw nodig. In Nijkerk start Teunis van Slooten in 1783 een touwslagerij, net buiten de stad. Maar op deze plek wordt zijn gereedschap voortdurend gestolen en bovendien is het buitenaf ’s winters zo koud dat er geen knecht wil werken.
Daarom zoekt Teunis een plek binnen de stad. Alles wat hij nodig heeft is een lang pad, een lijnbaan en een schuurtje, het spinhok. In 1785 mag hij van de ambtsjonkers, de bestuurders van Nijkerk, een pad gebruiken dat achter het ambtshuis ligt, voor zes gulden per jaar. Het pad ligt tussen de tuin van het ambtshuis en het achterliggende tabaksland.
Touw maak je van vlas of hennep. Dat wordt eerst op een hekelbank uitgekamd. Het uiteinde van de bos vezels gaat aan de haken boven het grote wiel dat u voor u ziet. Ziet u de twee vierkante gaten in het wiel? In één ervan wordt aan de achterkant een stok gestoken om daaraan het spinnewiel rond te draaien. Dat gebeurt meestal door kinderen, die zijn goedkoop. Er is nog geen schoolwet en kinderen worden, zodra ze kunnen, aan het werk gezet.
De knechten binden een bos vezels op de buik en lopen naar achteren. Zo worden de garens gespannen en vervolgens in elkaar gedraaid tot touw. Daarom heeft Teunis dus een lang pad nodig. Het pad dat Teunis gebruikt is 190 meter. Daarmee kan hij touwen maken van 110 meter. Twee stukken touw maakt 220 meter en dat is precies een kuil touw zoals u ziet liggen op de kruiwagen links naast het grote wiel. Als u naar de 2e verdieping gaat, naar kast C, ziet u oude filmbeelden van dit proces.
Over films gesproken: In het eerste deel van de film the Pirates of the Caribean bleken de touwen historisch niet correct te zijn. Touwfabriek Langman zag dat, en mailde de filmmaatschappij. Dat is de reden waarom alle touwen vanaf deel twee in Nijkerk zijn gemaakt. Langman is nu de enige touwfabriek van Nederland en heeft zijn oorsprong in de touwslagerij van Teunis van Slooten.