Vertelpunt 01

Schipper Gerrit vaart de haven van Nijkerk binnen

Tekstversie

Op een zonnige maandagmorgen, begin 1800, vaart Gerrit met zijn schip de Nijkerkse haven binnen. Het is zuidwestenwind, waardoor de klanken van de klokken uit die mooie witte toren vrolijk over het water schallen. Gerrit weet dat elke maandagochtend tijdens de markt het klokkenspel wordt bespeeld, als dank aan de boeren die met hun paarden de zware klokken in de toren hebben gehesen.

Gerrits schip zit vol met schapenmest. Aan de kade staan al paarden en wagens  klaar om de mest naar de vele landerijen te brengen waar tabak wordt geteeld. Deze planten zijn uit Amerika meegebracht en doen het, mede dankzij de schapenmest, uitstekend. Veel van Gerrits familieleden werken op de tabaksvelden of in de tabaksschuren, waar de tabak te drogen hangt. Gerrits vader denkt er ook over om tabak te gaan telen, want de graanprijzen blijven maar dalen. Terwijl Gerrit de haven binnenvaart, gaat er een schip vol met gedroogde tabak de haven uit, richting Amsterdam. Hier maken ze er pruim- en pijptabak van. Gerrit komt graag in Nijkerk; het is er gezellig druk, met veel markten en café’s. Vanaf zijn schip ziet hij ook de rood-witte luiken van Zeemans Welvaren.  Het is een zonnige, maar ook warme dag. En wat is dan lekkerder dan daar, als de mest straks op de wagens is geladen,  een heerlijke kroes bier te gaan drinken.

Selecteer eerst een tour